Navigatie

 

Soms zijn er paden waar je niet van af wil wijken. En soms roepen ze je en moet je nieuwe paden ingaan. Het bizarre. Het vreemde. Het menselijke...

 

Bomen doen iets met mij. Ze leven, maar ademen niet. Fluisteren, maar spreken geen woorden. Of toch wel? Als ik goed luister... Naar het ritselen van de bladeren, het zwiepen van de takken, hoor ik twee woorden: "Ik leef..."

 

"Ik leef..."

 

"Ik leef!!!"

 

Zie voor meer info: link.

 

 

 

Eigenlijk schrijf ik geen recensies. Een goede recensie schrijven is een vak apart. Het is anders dan een mening. Waar een mening op gevoel en een subjectieve waarneming gebaseerd is, dient een recensie onderbouwd te worden met thema’s, motieven, plot- en personage ontwikkelingen en de structuur van het verhaal. Het gaat dus meer dan om het instinctieve. Een goede recensie geeft ook aan hoe een verhaal technisch in elkaar steekt. De scheidslijn is dun. Zeer dun. (Dat besef ik.) Toch blijft het een vak apart.

 

Soms wordt je echter zo door een boek meegenomen, dat je er iets over wil zeggen, dat je het wereldkundig wil maken en in ieder geval jouw mening en jouw visie erover kwijt wil. Is dit een recensie? Ik weet het niet. Het is echter wel iets dat je wilt doen. Iets waarmee je anderen iets wil aanreiken, dat je tegen anderen wil zeggen: “ik denk dat je dit eens lezen moet”.

 

Dit had ik toen ik het boek “Is er sneeuw?” van Bettie Aaftink las. Het boek vertelt het (auto)biografische verhaal van een moeder die geconfronteerd wordt met het feit dat haar dochter Lies een man wil worden. Ze moet daarbij een nieuw beeld van haar dochter construeren en, zoals de achterflap vermeldt, ook een dochter loslaten om haar zoon een kans te geven.

 

Dit is natuurlijk een zeer actueel onderwerp. Een emotioneel onderwerp. Ook als in het eind van het boek “zinloos geweld” of zelfs “gay-bashing” ter sprake komt.

 

Toch vat tegelijkertijd dit niet het boek samen. De onderstroom van het boek gaat dieper dan dit thema alleen. Het gaat in de eerste plaats over moeder en kind relaties. Zowel de relatie tussen het hoofdpersonage en haar dochter, maar ook over de relatie tussen de hoofdpersoon en haar familie en moeder. Of zoals ze het zelf in haar boek schrijft:

 

We zijn geen onbeschreven blad als we geboren worden: je nestgeur omringt je je hele leven en als je geluk hebt kun je die van je afspoelen.”

Deze uitspraak, geeft in mijn optiek de kern van het boek weer. Het boek gaat meer dan over Lies die Lars wil worden en hoe Lizzy (de moeder) dit dient te accepteren. Het boek gaat in de eerste instantie over moederschap. Hierin is de schrijfster meedogenloos. Zowel naar zichzelf als anderen toe en toont ze aan, vooral aan het begin van het boek, hoe moeizaam voor haar moederschap, maar eigenlijk ook de relatie met haar dochter (en ook haar moeder) was. Dit zet het boek in een universeel thema, dat verder gaat dan transgenderism. Het stelt eigenlijk het ouderschap, en de problemen met ouderschap – de onzekerheden, de angsten, de nestgeur – die we allen met ons meedragen centraal. Ik was soms oprecht verbaasd over de hardheid, waarmee ze zichzelf onder de loep neemt en daarmee haar verleden en ook de opvoeding van haar dochter probeert te verklaren.

 

Het verhaal valt daarbij niet in clichés of melodrama. Sterker nog, het onderwerp transgenderism is bijna een gegeven en wordt (Goddank misschien wel), niet gepsychologiseerd. Het boek gaat over relaties en hoe relaties mensen vormen.

 

Dit is misschien wel de kracht, maar op sommige punten ook de zwakte van het verhaal. Hoewel het boek duidelijk begint, en de thematiek en motieven in het eerste hoofdstuk uiteen worden gezet, is het verdere verloop van het verhaal, misschien zoals het een mensenleven ook bekoort, een opsomming van gebeurtenissen. In deze zin heeft dit boek ook geen specifiek climax of een uitgetekend plot. De vraag is natuurlijk of dit ook hoeft? Het leven is onverwacht en ingewikkeld. Het is een kluwen van draden, waar niet noodzakelijk een begin of eind aan zit.

 

In dit geval moet de lezer geen afgerond verhaal verwachten, maar meer een relationeel raamwerk. Is dit erg?

 

Of zoals Aaftink zelf schrijft:  “Ik heb het over de onderstroom in het leven, het leidmotief.”

Ik denk persoonlijk van niet. De kracht van het boek ligt in de observaties, de naaktheid en kwetsbaarheid die de schrijfster ten toon spreidt; de keiharde bril waarmee ze zichzelf, maar ook haar verleden observeert en neerpent.

 

Zelf stelt Aaftink dat het schrijven van dit boek naar meer smaakt, dat ze meer wil vertellen. Ik hoop dat ze dat doet.

 

 

 

Het boek is hier te bestellen.

 

 

 

 

Hugo Award is een internationale prijs die wordt uitgereikt aan schrijvers van de fantastische en science fiction genre. Tot de illustere winnaars behoren Larry Niven, Kurt Vonnegut (een antropoloog en één van mijn favoriete schrijvers), Arthur C. Clarke, Philip K. Dick (ook één van mijn favoriete schrijvers), Isaac Asimov en nu voor het eerst ook een Nederlandse schrijver: Thomas Olde Heuvelt. Voor de vijfde cyclus van deze serie behoeft hij eigenlijk dan ook geen introductie. Zijn boek Harten Sara, waar ik later in een andere blog iets meer over zal gaan schrijven, is mijn favoriete boek van 2012 geworden; zowel in plot ontwikkeling, personage ontwikkeling, als de experimentele en onconventionele manier waarop hij het boek heeft geschreven. Het is in mijn optiek één van de best geschreven boeken van 2011/2012.

 

 

Ik ontmoette Thomas tijdens de Stephen King Fanclub dag en vroeg aan hem of ik voor mijn serie spotlights een interview mocht afnemen. Ik had eerlijk gezegd verwacht dat hij "nee" zou zeggen, maar hij stemde onmiddellijk in. Hoewel het onderstaande interview is afgenomen voordat hij voor de Hugo Award genomineerd werd en ik bij voorbaat van plan was om vandaag het interview te publiceren, is dit een ironische samenloop van omstandigheden. Ik heb helaas geen vragen over de Hugo Award kunnen stellen, hoewel ik super benieuwd ben hoe hij deze nominatie ervaart. (Er staat een stuk van hem in het NRC handelsblad gedateerd op 4 april 2013.) Het was mijn doel om dit interview te plaatsen vlak voor de publicatie van zijn nieuwe boek Hex, publicatie datum april 2013. (Waar ik tevens naar uitkijk. Want ik ben hier niet alleen collega schrijver, maar ook een fan.) Kortom: proficiat Thomas en ik hoop dat je wint. Je hebt in mijn optiek de nominatie geheel verdiend.

 

 

Hier volgt dus het interview die ik destijds heb afgenomen voor mijn serie "spotlights":

 

 

 

 

Thomas, bedankt voor dit interview. Laat ik voorop stellen dat ik ontzettend heb genoten van je boek Harten Sara. Niet alleen het verhaal, dat in mijn inziens de ontwikkeling van een relatie beschrijft en de zoektocht naar onschuld, maar ook de stijl, spanningsboog, je puntige en haast poëtische manier van schrijven, maar ook de compositie en de verschillende perspectieven die je gebruikt. Hoe ben je op dit verhaal gekomen? Wie waren je grootste invloeden?

Harten Sara is mijn meest persoonlijke verhaal. In zekere zin is het autobiografisch, hoewel het een compleet fictief jasje heeft gekregen. De moeizame relatie tussen Sara en Sem is gebaseerd op mijn eerste relatie, op een moment dat ik daar eigenlijk nog veel te jong voor was en me niet durfde te geven aan een volwassene. Het is eigenlijk mijn coming of age verhaal. Maar buiten de problemen die er waren, was het vooral een heel magische, vreemde, bizarre relatie, met mooie en warme fictieve figuren, bizarre wendingen, en natuurlijk Beesje. Toen ik het boek schreef, liet ik me stilistisch inspireren door Extreem Luid & Ongelooflijk Dichtbij van Jonathan Safran Foer - een van mijn favoriete romans.

 

Je hebt de eerste prijs gewonnen van de Paul Harland uitreiking voor je verhaal "De vis in de fles". Hoe voelt dat en kun je iets meer over dit verhaal vertellen?

Technisch gesproken heb ik de eerste prijs gewonnen in de PHP, maar voor de tweede maal Dat is natuurlijk erg fijn, en erg bruikbaar voor het internationale pad waarop ik ben gaan wandelen. Ik ben nu een multiple award winning author, haha. Zonder gekheid: het is natuurlijk geweldig bevestigd te worden in wat je doet en waar je in gelooft. "De vis in de fles" is een verhaal over de wereld die op zijn kop is gaan staan. Letterlijk, want de zwaartekracht draait zich plots om waardoor alles van de aarde wegvalt en mensen op hun plafonds vallen. Maar ook figuurlijk, omdat de hoofdpersoon net is gedumpt door zijn vriendinnetje, zijn grote liefde. Hij ziet het als laatste token van zijn liefde om haar goudvis, die hij in een spafles heeft gered, naar haar terug te gaan brengen. Maar ja, het is moeilijk reizen in een wereld die op zijn kop staat. Heel anders dan anders dus - maar ook een typisch Thomas-verhaal.

 

Je plaatst je verhalen in de genre magisch-realisme. Wat versta je hieronder? Wat is de kracht van deze genre? En wie zijn je voorbeelden?

Ik hou niet vast aan 1 genre. Mijn nieuwe roman HEX is geen magisch realisme maar een vrij duistere, bovennatuurlijke griezelroman. Ik hou van verhalen die dicht bij de werkelijkheid liggen, maar deze net even ontwrichten, door ofwel iets engs (dan kom je vrij snel uit bij horror), ofwel iets moois, vreemds, bizars, iets van schoonheid (en dan kom je uit op magisch realisme). Die twee genres liggen veel dichter bij elkaar dan bij fantasy en science fiction - puur de emotie die het opwekt is anders; bij de ene angst, bij de ander wordt je geraakt.

En dat vind ik de kracht van goede verhalen - dat ze de lezer beroeren, en bijblijven. Je onthoud het langst de verhalen waar je om hebt gelachen, ge huilt, of die je de stuipen op het lijf hebben gejaagd.

 

Je bent ooit gedebuteerd met het boek De Onvoorziene, pas later bij Luitingh met Leerling Tovenaar Vader & Zoon. Als je terugkijkt op je oeuvre, wat zijn de gemeenschappelijke thema's en motieven? En wat trekt jou in deze thema's en motieven aan?


Een terugkerend motief is denk ik de angst voor het afscheid nemen van mensen van wie je houdt. Ik vind dat zelf heel moeilijk. In LTV&Z gaat dat om de dood van een vader, wat ik zelf ook heb meegemaakt. In veel van mijn korte verhalen en in Harten Sara gaat het om een liefde, wat net zo moeilijk, zo niet moeilijker is. Ik denk dat het mijn grootste angst is - en die van heel veel mensen - en dat ik er daarom veel over schrijf. In HEX komt dat ook naar voren, alhoewel HEX veel meer gewoon een superspannend verhaal is!

 

Ik las dat je ook in de VS bent geweest. (Dat hebben we gemeen.) Als je de genre spanning/ suspense of magisch-realisme uit de VS of in andere Anglo-saksische landen vergelijkt - waar de genre veel meer ingebed is in de mainstream - wat valt je op en hoe denk jij dat we deze genre, die in Nederland slechts een subgenre is, veel meer onder het voetlicht krijgen?

 

Ik denk dat de enige manier om het genre meer onder de aandacht te brengen, is door veel goede boeken te schrijven die mensen op grote schaal willen lezen. De fantastische genres in brede zin zijn aan het groeien. Er gebeurt steeds meer in Nederland, en mijn uitgever, die 70% van de "fantasymarkt" in handen heeft, is een van de weinige uitgeverijen die ondanks de crisis geen verlies draait. Het fantasypubliek is erg trouw. Ja, het kan nog groeien, en daar kunnen we zelf aan bijdragen, door geweldige boeken te schrijven.

 

Kun je ons iets meer vertellen over je toekomstige projecten en dan met name het project HEX? Wat zijn je toekomst plannen? Ik weet dat je ook met vertalingen bezig bent.

Met HEX probeer ik daaraan bij te dragen. HEX is eerst en vooral heel erg vet. Het is een achtbaanrit. Een boek dat begint vol humor, maar dat al snel erg beklemmend wordt, en je ineens bij je strot grijpt. En het wordt behoorlijk griezelig en duister, op zo'n tweederde. En de climax is choquerender dan wat ik ooit eerder heb geschreven. Back to my roots, min of meer - en het voelde fantastisch! Het duurde 2,5 jaar om Harten Sara te voltooien, HEX deed ik in 4,5 maand terwijl het bijna tweemaal zo dik is. Half april komt het uit. Aan de vertaling wordt al gewerkt. Er zijn wat korte verhalen van mij in de UK en de US verschenen, ik heb een groot agentschap dat me aan de overzijde van de Atlantische Oceaan vertegenwoordigt en het zou een droom zijn als ook mijn romans daar gaan uitkomen!

 

BIOGRAFIE:

 

Thomas Olde Heuvelt (1983) is de jonge, veelgeprezen Nederlandse auteur van romans en verhalen in de fantastische sfeer. Zijn werk valt in te delen onder magisch-realisme, fantasy en spanning, en heeft vaak een humoristische en emotionele inslag. BBC Radio noemde Thomas ‘One of Europe’s foremost talents in Fantastic Literature.’ Zijn vijfde roman HEX komt in april uit in Nederland. In de Verenigde Staten wordt zijn korte werk vanaf 2013 gepubliceerd door de gerenommeerde uitgever Tor.

 

BIBLIOGRAFIE:

2013 HEX (Uitgeverij Luitingh Sijthoff - verschijnt midden april)

2011 Harten Sara (Uitgeverij Luitingh Sijthoff)

2008 Leerling Tovenaar Vader en Zoon (Uitgeverij Luitingh Sijthoff)

2004 PhantasAmnesia (Uitgeverij Intes International)

2002 De onvoorziene (Uitgeverij Intes International)

 

 

 

Boeken zijn zowel te bestellen in de boekhandel, als bij de website van de auteur.

 

 

Het boek HEX is al te bestellen op bol.com:

 

 

 

Voorgaande "spotlights":

 

Marion Altena

Rianne Lampers

Rik Raven

Mark van Dijk

 

Om bekende en onbekende schrijvers van Nederlandse bodem die in de genre spanning / fantasy druk bezig zijn en een aantal boeken hebben gepubliceerd, toch wat meer bekendheid te geven, heb ik besloten een serie "spotlight"  te maken, waarin ik een schrijver even in het spotlicht plaats. De bedoeling is dat ik om de zoveel weken / maanden (afhankelijk hoe druk ik het heb), een schrijver in het zonnetje zet, en nog meer dan dat: door vragen van schrijver tot schrijver te stellen dieper tot het proces van schrijven probeer te komen.

De vierde schrijver van deze cyclus is Marion Altena die diverse verhalen heeft gepubliceerd.

 

 

 

 

Beste Marion Altena,

Bedankt voor dit interview.
Je hebt in 2011 het boek ‘Ontworteling’ geschreven. Een boek over de fotografe Rhona en haar, in de eerste instantie, virtuele vriend Aeolus die claimt vampier te zijn. Het boek gaat in hoge mate over het spanningsveld tussen deze twee hoofdpersonages en de vraag of Aeolus daadwerkelijk een vampier is. Hoe ben je op het idee van dit verhaal gekomen?

 

Eigenlijk was ik helemaal niet van plan om een roman te schrijven. Ik had een stapel kunstfoto’s klaarliggen om daar mijn tweede kunstboek van te maken, en was (eind 2008) al een aantal maanden aan het dubben over welke soort teksten de foto’s het best tot hun recht zouden komen. Rond de kerst van dat jaar kreeg ik eindelijk een werkbaar idee: ik zou een essay kunnen opstellen rondom de vraag: ‘Stel dat je vandaag een levensechte vampier zou tegenkomen en hem vragen zou mogen stellen over zijn spiritualiteit, wat zou hij dan antwoorden? Hoe denkt een vampier over leven, dood, religie, schuld, verveling e.d.?’

 

Om het geheel toegankelijk te maken voor het lezerspubliek besloot ik te gaan schrijven in de vorm van een verhaal. Ik stelde twee personages samen en zorgde voor een ‘inciting incident’ om hen elkaar te laten ontmoeten. Zo begon het bovengenoemde vraaggesprek en ook het verhaal. Uiteindelijk bleken mijn plannen voor een essay te beperkt en werd het een nogal lijvige roman.

 

Omdat ik in deze roman geen afbeeldingen kon verwerken en dus een nieuw doel voor die stapel foto’s moest zoeken, bedacht ik het volgende: in een subplot van het verhaal beschrijf ik hoe de hoofdpersoon, Rhona, aan het worstelen is om een kunstboek samen te stellen. Ik vertel, tussen haar avonturen door, hoe ze tot het idee van haar boek komt, hoe ze een thema ontwikkelt… ook beschrijf ik een enkele foto en zelfs een paar fotoshoots.

 

Het boek in kwestie is kort geleden daadwerkelijk uitgekomen, onder Rhona’s echte naam (Lente van ’t Zand), en heet ‘Liefde & Verval’. De term ‘transmediale storytelling’ is in marketing kringen tegenwoordig helemaal hot en daar sluit dit project naadloos bij aan: je schrijft niet alleen een boek, maar voegt via andere media extra dimensies toe, die over en weer naar elkaar verwijzen. Je kunt de verschillende onderdelen van zo’n project goed apart van elkaar zien en gebruiken, maar als je ze beide inkijkt zal je de  verrassende ervaring hebben van ‘die foto die ik nu zie, daarover heb ik in de roman gelezen!’ Een manier om de lezer een diepere ervaring van het verhaal te bezorgen.

 

Lente van ’t Zand heeft trouwens ook een eigen Facebook-account: www.facebook.com/LenteVanTZand

 

Toen ik het boek las, ontdekte ik gaandeweg dat er een enorme psychologische dimensie in het verhaal aanwezig is en ook wordt uitgewerkt in de relatie tussen Rhona en Aeolus. Ik had het idee dat Aeolus niet zomaar een vampier was, tenminste, niet in de nauwste zin van het woord. Dat hij ook op andere manieren parasiteerde. Zou je hier iets meer over kwijt willen en ook over de personage ontwikkelingen?

 

Ontworteling is in feite een verhaal vol verwijzingen naar het Freudiaanse. In de dynamiek tussen de personages kom je telkens weer de wankele balans tussen het ‘Ich’, het ‘Es’ en het ‘Über-Ich’ tegen. Oftewel, ‘het meisje’, ‘de jager’ en ‘het geweten’. De jager wil iets van het meisje, het meisje wordt verleid tot overgave, maar ook verscheurd door twijfels omdat het geweten haar maar blijft lastig vallen. De drie belangrijkste personen in mijn boek hebben hierin ieder een duidelijke rol. Toch komen ze (op emotioneel gebied) aan het eind van het verhaal allemaal ergens anders uit dan ze van te voren hadden kunnen denken. Ze maken een zekere groei door. Grote sleutelrol hierin speelt Rhona, die (door haar directe manier van omgang) anderen en ook zichzelf regelmatig een spiegel voorhoudt.

 

En dat parasiteren … of Aeolus zich daaraan schuldig maakt…? In het eerste deel van het verhaal is weliswaar duidelijk dat hij tijdens gesprekken met Rhona veel ‘haalt’ uit haar levenslust, maar zij is zich daarvan bewust, maakt er geen bezwaar tegen en geniet minstens zoveel van hem. Eigenlijk zijn ze een beetje elkaars psychische vampiers. Alleen, de zaak verandert als hij, om haar bij zich te houden, bepaalde dingen besluit te verzwijgen. Zij verliest dan onbewust haar keuzevrijheid en daardoor gaat hun verhouding meer richting het klassieke eenrichtingsverkeer van parasiteren.

 

In je boek komen verschillende steden als decor voor, waaronder Londen, Reykjavík, maar ook Praag. Zou je daar iets meer over kunnen vertellen? Waarom heb je deze plekken gekozen? Wat voor symbolische waarde hebben ze in het verhaal?

 

Op alle in Ontworteling beschreven plekken ben ik zelf geweest. Ik vind dat van cruciaal belang voor de levendigheid en geloofwaardigheid van mijn verhaal. Ze zeggen wel eens: ‘schrijf vanuit kennis’, en daar zit zeker waarheid in. Als je door de straten van een stad loopt en je verwerkt wat er om je heen gebeurt in je verhaal – kleine anekdotes, dingen die je alleen maar zult tegenkomen als je op de plaats zelf bent – ik weet zeker dat de lezer dat zal merken.

En waarom Londen? Die stad spreekt tot mijn verbeelding. Het Victoriaanse dat je daar nog overal tegenkomt, de ‘stiff upper lip’ van de bewoners, en vooral de architectuur. Ik had het grote voorrecht om twee dagen met een restauratiearchitect mee te mogen lopen. Heb met hem op de steigers rondom de Westminster Abbey en de St. John’s at Hackney gestaan en heb uit de eerste hand gehoord wat er komt kijken bij het restaureren van zulke monumentale kerken. Enorm waardevol als een van je hoofdpersonen (Aeolus) restauratiearchitect is. Ik heb alleen maar de namen hoeven te veranderen, voor de rest staat in Ontworteling precies beschreven wat ik die twee dagen tijdens mijn kijkstage heb gezien en geleerd. Op zo’n moment word ik dus een beetje ‘Rhona’. Of wordt Rhona Marion…

Reykjavík, daar was ik in 2006. De vliegreis van IJsland terug naar huis heeft model gestaan voor het eerste hoofdstuk van mijn roman. Er overkwam mij toen namelijk iets dat zó romantisch en mysterieus was, dat het zich perfect leende voor het ‘inciting incident’. Een waargebeurde anekdote dus die fictief werd gemaakt en nu fungeert als aandachtstrekker voor de lezer.

En tenslotte Praag. Waarom Praag? Aan het begin van het schrijfproces, toen ik de karakters van het boek aan het samenstellen was, besloot ik dat Aeolus van gemengde afkomst moest zijn. De persoon die ik tegenkwam op mijn vlucht van IJsland naar Nederland (bij dat romantische ‘inciting incident’) was dat tenslotte ook. Afgaand op het uiterlijk van die man, en een beetje met de natte vinger, koos ik de landen Tsjechië en Italië als achtergrond voor Aeolus.  Een goede reden om in 2009 eens naar Praag op vakantie te gaan.

 

Ik was denk ik niet helemaal voorbereid op de onmetelijke rijkdom aan geschiedenis en architectuur van deze stad, maar dat werd uiteindelijk wèl de aanleiding om er meerdere keren naartoe te gaan en een belangrijk deel van Ontworteling daar plaats te laten vinden... Als lezer zal je dan ook in het hedendaagse deel van het verhaal door Praagse straten lopen en krijg je een inkijkje in de geschiedenis van de stad dankzij een handvol flashbacks uit het leven van Aeolus.

Praag en Londen zijn beide steden met een enorme historie. Het zijn plaatsen waar heden en verleden hand in hand gaan. De verhalen uit Aeolus’ ongewoon lange leven lagen daarom a.h.w. op straat, klaar om beschreven te worden. Ik vond het een leuke uitdaging om de geschiedenis van die steden te gebruiken om te illustreren hoe hij zich als persoon heeft gevormd. Ik kon zo laten zien waar zijn motivaties vandaan komen en ontdekte tijdens het schrijven van die scènes dat iemand met zo’n rijke persoonlijke geschiedenis heel anders tegen zaken aankijkt dan iemand die, bijvoorbeeld, nog geen dertig is.


Ook speelt muziek in je boek een duidelijke rol. Zou je hier iets meer over kunnen vertellen en hoe dit samenhangt met je verhaal.

 

Vooral barokmuziek, de muziek uit de tijd van Lodewijk de Veertiende, is prominent in Ontworteling. Bij het samenstellen van de personages besloot ik dat Aeolus’ geboortejaar 1675 was en dat hij opgroeide in een aristocratisch gezin in Lyon, Frankrijk. Eén van de dingen die bij de opvoeding van een kind in die setting hoorde was, dat hij de viola da gamba leerde bespelen. Dat muziekinstrument was een statussymbool met dezelfde zeggingskracht als tegenwoordig bijv. een Ferrari! Om te weten waarover ik het had heb ik dus veel geleerd over de muziek die voor gamba gecomponeerd is, en over de componisten die zich daarin hadden gespecialiseerd. Zo had je, ontdekte ik, twee Franse componisten die beiden voor het hof van Lodewijk de Veertiende werkten: Marin Marais en Antoine Forqueray. In alles waren die twee elkaars tegenovergestelden. Marais was een echte familieman en zijn muziek en speelwijze was zachtaardig, op het lieflijke af. Forqueray daarentegen was een verschrikkelijk iemand: hij sloeg zijn vrouw, ging vreemd en de manier waarop hij zijn (overigens buitenaards mooie) muziek speelde was ruig en vol passie. De twee werden dan ook vaak vergeleken met ‘de engel en de duivel’.

 

Aeolus vertelt in het boek dat hij de dynamiek tussen die twee componisten constant in zichzelf terugvindt. Het gevecht tussen de engel en de duivel in de ziel van een vampier…

Er wordt nog veel meer met de emotionele uitwerking van muziek gespeeld in Ontworteling, maar dat moet je zelf maar lezen…

 

Het boek is uitgegeven via Boekhandel Van der Meer. Zou je hier iets meer over kunnen vertellen? Wat voor traject heeft het boek afgelegd voordat het gepubliceerd werd en wat zijn je tips voor aankomende schrijvers?

 

Zoals bijna elke schrijver in Nederland heb ik eerst een aantal uitgevers benaderd. Maar in januari 2011 kreeg ik van een kennis de tip om ook eens een zgn. logline (elevator pitch) te schrijven. Dat is een bondige, alleszeggende omschrijving van je boek in één of hooguit twee zinnen. Daarmee moest ik dan naar een filmproducent stappen. Dus googlede ik de term ‘logline’, leerde alles wat daarmee te maken had en schreef er één. Dit is ‘m geworden: ‘Een nieuwsgierige fotografe probeert tijdens een intrigerend en erotisch geladen internetcontact de beweegredenen te achterhalen van een mysterieuze onbekende, die beweert een vampier te zijn.’

 

De filmproducent in kwestie reageerde binnen het kwartier op mijn e-mail. Hij wilde het manuscript van mijn boek lezen, was wild enthousiast en vanaf dat moment zijn we begonnen te zoeken naar manieren om mijn boek ‘financieel geloofwaardig genoeg’ te maken voor een film distributeur, zodat die geld zou investeren in een verfilming. De weg naar een verfilming is lang, maar het geeft me genoeg motivatie om door te gaan met het op creatieve manieren aan de man brengen van mijn boek.

In de tussentijd was ik gaan uitzoeken hoe het eigenlijk werkte met de rechten van je boek bij een verfilming. En daar schrok ik van: als er een film van je (bij een klassieke uitgeverij gepubliceerde) boek gemaakt wordt, krijg jij als schrijver hooguit de helft van de opbrengst. De rest gaat naar de  uitgever, ongeacht het feit dat je (in mijn geval) zelfstandig het contact hebt gelegd met filmproducent. Daarbij waren de mensen van de uitgeverij met wie ik toen al maanden in een redactieproces zat nogal vaag over de zakelijke kant van onze mogelijke samenwerking. Ze vermeden elk gesprek over een contract, er was dus geen officiële zakenrelatie tussen hen en mij. Desondanks gedroegen ze zich enorm bezitterig. Ze probeerden mij zelfs te verbieden om mijn manuscript aan anderen te laten zien.

Toen, in oktober 2011, kwam ik iemand tegen die bij een bedrijfje werkte dat auteurs in staat stelt om zelf hun boeken uit te geven. Je kunt daar via een online platform je manuscript uploaden, je boekcover ontwerpen en zelfs via een door hen opgezette pool een redacteur vinden en inhuren. Als je je boek eenmaal online hebt gezet kan je via dit bedrijfje een ISBN regelen, ze leveren de aansluiting bij het Centraal Boekenhuis en zo heb je binnen een paar uur zelf een boek gepubliceerd dat wat distributie betreft heel Nederland kan bereiken. Mensen kunnen je boek dan bijv. bij Bol.com bestellen, maar ook via de gewone boekhandel.
Het bedrijfje in kwestie heeft een naam die bij sommigen de wenkbrauwen doet fronzen: Mijnbestseller.nl. De mensen achter Mijnbestseller komen ook niet per definitie uit de literaire wereld – het zijn zakenmensen. Maar als je daar doorheen prikt heb je een prachtig instrument om alle facetten van het uitgeven van je boek in eigen hand te houden. Inclusief de rechten! Als Ontworteling nu in een andere vorm wordt uitgegeven gaan alle royalties naar mij toe. Niet naar een uitgever.

Mijnbestseller is een tijdje geleden een samenwerking gestart met een aantal boekwinkels, waaronder Boekhandel Van der Meer in Noordwijk aan Zee. Zo kan je ervoor kiezen om je naam te verbinden aan een boekhandel i.p.v. aan Mijnbestseller.

 

Tenslotte: deze manier van uitgeven kost je in principe niets meer dan een paar tientjes voor het ISBN nummer. Het verdienmodel zit zo in elkaar dat pas bij verkoop van een boek geld wordt verdiend door de betrokken partijen (drukker, Mijnbestseller, het CB, de auteur, etc.). Je hoeft dus van te voren geen geld in te leggen. En de royalties zijn vergelijkbaar met die van andere boeken, of vaak zelfs hoger.

Wat tips voor andere schrijvers betreft: zelf uitgeven kan je grote vrijheid opleveren. Er is alleen een valkuil: het redactiewerk. Ik adviseer dan ook iedereen die een boek in eigen beheer wil uitgeven om zelf een goede redacteur te vinden en niet tot uitgave over te gaan voordat je het redactieproces volledig hebt doorlopen. Daarbij is het erg belangrijk om flinke aandacht te besteden aan het ontwerp van je boekcover. Want je cover is de eerste indruk
die je bij de lezer achterlaat! Schroom dan ook niet om advies daarover te vragen aan een grafisch ontwerper.

 

Ook is er inmiddels een audio versie van je boek verschenen. Hoe is dat zo gekomen?

 

Toen Ontworteling net uit was gekomen werd ik via Twitter benaderd door Marc de Groot van Luisterboeken.nl. Of ik mijn boek bij hem wilde laten inspreken en uitgeven op MP3 en CD. Dat is de afgelopen zomer gebeurd. Anneminke van der Velden, stemactrice, heeft in een paar maanden tijd mijn boek ingesproken en in oktober jl. is het uitgekomen. Een surrealistische ervaring… iemand anders die je complete verhaal voorleest! En je bereikt zo weer een heel ander publiek: filerijders die liever ergens naar luisteren i.p.v. zich te vervelen, visueel gehandicapten… en mensen die graag in het donker een spannend verhaal willen beleven

 

Op dit moment wordt in de uitgeverswereld nogal veel gesproken over een ‘boekencrisis’. Hoe sta jij hier tegenover en welke antwoorden denk je dat er hierop zijn?

De gevestigde literaire wereld in Nederland is bang om haar monopoliepositie kwijt te raken. Het is meer dan decennia lang een goed in elkaar grijpend systeem geweest: de (grote) uitgevers zijn afhankelijk van de boekhandels en andersom, die paar literaire agenten die we hebben en dat handjevol recensenten van grote dagbladen…zij werken allemaal met de uitgevers en boekhandels samen en houden elkaar de hand boven het hoofd. Dit systeem bepaalt wat ‘de lezer’ leuk moet vinden en welk boek het meest gepromoot moet worden en zij zijn niet blij met de opkomst van het ‘zelf uitgeven’ en bijvoorbeeld het e-book. Toch kunnen we aan de ontwikkelingen in de V.S. zien dat die trend niet te stoppen is. Er zijn zelfs auteurs die van hun zelf uitgegeven boek een bestseller hebben kunnen maken.

Ook in Nederland zal het e-book over een paar jaar meer gangbaar zijn en zal het percentage van de aankopen daarvan t.o.v. gedrukte boeken vele malen hoger liggen dan nu.

 

Mensen vragen zich steeds vaker af: ‘wie bepaalt nou echt welk boek ik moet uitkiezen? Wil ik niet zelf bepalen of ik een boek al dan niet goed vind? Zeker als ik zoveel per exemplaar moet betalen…’ Als meer schrijvers de vrijheid besluiten te nemen om bijvoorbeeld, naast hun papieren boek, ook een e-book uit te laten geven, of om het heft helemaal in eigen hand te nemen, zal ook in Nederland de literaire wereld veranderen. Ik denk dat in de loop van de tijd de invloed van de lezer, en wat hij verkiest te lezen, aan terrein zal gaan winnen.

Dat al deze veranderingen binnen een paar jaar plaats zullen vinden, zien ook de uitgevers. Het is onvermijdelijk; mensen zoeken, met de huidige crisis in het achterhoofd, naar nieuwe wegen. Ook schrijvers. Het is, volgens mij, voor uitgevers een kwestie van je trots opzij zetten en inspringen op wat komen gaat. Want anders zal je, zelfs als je bij ‘de grote jongens’ hoort, op den duur omvallen. En als je een e-book uitbrengt van de auteurs uit je fond: schroef de prijs van die uitgave omlaag! Want een elektronische versie van een boek koopt niemand voor €15,00!

In Nederland heb je als schrijver dus de keuze: om via een uitgeverij je boek te publiceren, of om het zelf te doen. Dat hangt af van hoe je in elkaar zit. Er zullen altijd schrijvers blijven die het liefst alles willen laten regelen door een uitgever, zodat ze zelf bezig kunnen blijven met hun ‘core business’, het schrijven. Daar is wat voor te zeggen, maar je raakt er wel veel vrijheden door kwijt en zult per verkocht boek minder verdienen. Een kleine uitgeverij lijkt op dit moment dan een verstandige keuze. Die is vaak flexibeler dan een groot concern, en je hebt er meer kans op een persoonlijke benadering. Maar als je helemaal wilt gaan voor ‘de toekomst’ en niet bang bent om nieuwe dingen te leren, dan raad ik je aan om te overwegen of ‘zelf uitgeven’ iets voor je is.
Maar welke vorm van uitgeven je ook kiest: tenzij je Saskia Noort of Kluun heet, komt de volledige marketing neer op jouw eigen schouders!

 

Ontworteling is door vele recensenten goed ontvangen. Wat is/zijn je volgende project of projecten?

 

Ik ben druk bezig om de hoofdpersoon uit Ontworteling, Lente van ’t Zand, te helpen met de promotie van haar kunstboek Liefde & Verval. Ook heb ik net de e-book editie van Ontworteling gelanceerd. Daarnaast ben ik het vervolg op Ontworteling, ‘Onder Levenden’ aan het schrijven.


Genoeg te doen, dus!

 

BIOGRAFIE:

Marion Altena is in 1969 in Almelo geboren. Ze heeft een diploma MBO-Agogisch Werk en heeft in Utrecht een MO-opleiding Turks gevolgd. In 1993 verhuisde ze naar Rotterdam om daar te werken voor het Tolk- en Vertaalcentrum Zuid-Holland en voor verschillende andere opdrachtgevers. Van 2004 tot 2009 is ze vervolgens als politiek netwerker werkzaam geweest, in samenwerking met de gemeente Rotterdam en verscheidene religieus-maatschappelijke organisaties.

 

Sinds januari 2009 werkt Marion fulltime als romanschrijfster en fotografe.

 

BIBLIOGRAFIE:

Jaren ’80: Bloemlezing, dichtkunst: ‘In mij leeft een kind’.

2007: fotografie en dichtkunst: kunstboek ‘Soul Survey-Zielstocht’.

2008: fotografie: benefiet dichtbundel ‘Thuis aan de Oude Dijk’, voor een hospice in Rotterdam.

2009: fotografie: kunstboek ‘Wat voorbijgaat, ontmoet’.

2011: fotografie: kunstboek ‘Vaderland’.

2011: literaire thriller ‘Ontworteling’.

2013: kunstboek ‘Liefde & Verval’, onder pseudonym ‘Lente  van ’t Zand’.

2013: kunstboek ‘Love & Decay’, onder pseudonym ‘Lente van ’t Zand’.

 

 

 

 

Het boek is hier te koop.

 

Voorgaande "spotlights":

 

Rianne Lampers

Rik Raven

Mark van Dijk

 

 

 

 

 

 

Een glijbaan waarin ik val...

En de duisternis

De duisternis...

Ik heb jullie allen lief...

 

 

De dode poëet zal op 17 maart van 12.00 tot 16.00 in Rijswijk signeren... Kom kijken. Kom gruwelen. Kom langs. Ik heb hem ontmoet (zie link) en hij liet me weten dat hij er vandaag bij zal zijn...

 

 

 

 

 

Blog

Contact